Verbonden met #ikbenverbonden

door: Léon Lemmens, Intermediair Roma en Sinti Diocesane werkgroep woonwagenpastoraat Westelijke Mijnstreek

Ik probeer elke dag een verbinding te leggen met de mensen om mij heen. De ene dag lukt het beter dan de andere dag. Zo probeer ik de verbinding te leggen tussen de Roma en Sinti’s bij mij in de omgeving.

Een goed jaar geleden werd ik als intermediair voor Roma en Sinti’s, benaderd via Facebook door iemand van Bureau Jeugdzorg Limburg – ‘Jan’. Hij maakte zich zorgen om een bepaald gezin; een moeder (mevrouw A.) met twee kinderen in de leeftijd van 8 en 16 jaar. Een afspraak werd gemaakt. Open, geen vooroordelen meldde ik me bij Jan en we hadden een goed gesprek. Dat eindigde met mijn voorstel om samen met hem – mits mevrouw A. dat goed vond – op huisbezoek mee te gaan. En dat vond ze.

Budgetbeheer

Toen ik voor de eerst in de woning kwam viel me op dat het gezinnetje erg krap leefde. Ik werd door Jan voorgesteld aan mevrouw A. en nadat we voorzien waren van koffie, vroeg hij naar de papieren van mevrouw. Ze kwam met enkele papieren aan waaronder de overzichten van de inkomsten en uitgaven.

Nadat we een poosje hadden gepraat en ik antwoorden kreeg op enkele van mijn vragen, werd het duidelijk: het budgetbureau waar mevrouw via een instantie was terecht gekomen, telde schrikbarende bedragen voor dat budgetbeheer. Na een uurtje vertrokken Jan en ik weer. Ik fietste naar het kantoor van Bureau Jeugdzorg om de bevindingen neer te leggen en een voorstel te doen. Een paar weken later werd ik door het ‘Veiligheidshuis’ van Sittard-Geleen uitgenodigd voor een gesprek. Mevrouw A., Bureau Jeugdzorg en ik zaten er met de medewerkster van het Veiligheidshuis aan tafel. Ik vertelde over mijn bevindingen en daarna vertelde mevrouw A. haar verhaal.

Geregeld werd dat mevrouw A. voor de zakelijke en praktische gang van zaken geholpen zou worden door Kredietbank Limburg. Ik maakte een afspraak voor een huisbezoek om samen oook verdere acties te bespreken.

Geen agenda

Dat huisbezoek vond een week later plaats, zo rond 10.00 uur in de ochtend. Ik werd ontvangen met koffie. Ik liet mevrouw haar verhaal vertellen en luisterde alleen maar. Na een uurtje vroeg ze of ik niet ergens anders naar toe moest. Ik vertelde haar dat ik tijd voor haar had en verder geen agenda had voor die dag. Dat vond ze vreemd. Ze zei dat andere mensen altijd maar een uurtje of nog minder bleven.

Vanuit de presentie probeer je vooral te luisteren, met een open agenda en daarnaast geen oplossing of oordeel te vellen. Maar wel een verbinding of relatie op te bouwen. Die verbinding tussen mevrouw A. en mij bestaat nog steeds. Ik neem de tijd voor een afspraak en luister wat ze vertelt. We kijken hoe we samen iets kunnen aanpakken, maar zij heeft de regie. En het lukt ook weleens niet, met hoe we de dingen aanpakken. Maar dan proberen we het anders. Dit maakt ons en vooral mevrouw sterker.

Verbinding

Mevrouw is eind vorig jaar overgegaan van het budgetkantoor naar de Kredietbank. Dit is ons samen binnen zes weken gelukt. Als alles meezit gaat de komend jaar de WSNP in.
Dan zullen binnen drie jaar de schulden die ontstaan zijn, voor een groot gedeelte zijn opgelost. Mooi nieuws. En het samen hieraan werken, heeft mevrouw A. en mij zeker verbonden. Maar de echte verbinding met mevrouw heb ik gelegd via het geloof. Ik had thuis twee bijbels; ééntje in het Romaans en een vertaling in het Nederlands. Dit was de ingang die ik kon maken.

Breda

Voor morgen (vrijdag 1 december) wens ik alle mensen die verbonden zijn en in Breda zijn bij de bijeenkomst een mooie middag. Ik kan zelf niet aanwezig zijn om samen met jullie een kop koffie te drinken, omdat ik op datzelfde moment Sinterklaas aan het spelen ben in een verzorgingshuis. Maar ik ben in gedachten met jullie verbonden.
borrelknopIk wens jullie allen een mooie Sinterklaasavond toe. Daarnaast wens ik jullie in verbondenheid alvast Prettige Kerstdagen en vooral een Voorspoedig en Gezond 2018

Jullie verbonden Léon

Advertenties

Een kleine oefening in vrede

door: Marian Hoek van Dijke, fondsenwerver en communicatieadviseur bij Stek, voor stad en kerk, Den Haag

Mijn zoon van veertien loop-huppelt door de woonkamer terwijl hij met zijn armen fladdert. Met één oog volgt hij het programma ‘Het is hier autistisch’ van Filemon Wesselink. Plotseling staat hij stokstijf stil en kijkt me recht aan. ‘Als er een pil zou zijn tegen autisme, zou ik die dan willen?’, vraagt Filemon zich op tv af. ‘Nee’, zegt mijn zoon gedecideerd. ‘Autisme hoort bij wie ik ben, dat kun je er niet uithalen.’

Mijn hart maakt een sprongetje van vreugde. Dat Tim dit acht jaar na zijn diagnose zo volmondig kan zeggen, vind ik een prachtige mijlpaal. Zelf heb ik in de afgelopen jaren niet alleen veel geleerd over hem, maar ook over mezelf en over hoe mensen in de openbare ruimte omgaan met iemand die een beetje anders is.

Afwerende blikken

In eerste instantie merk je niet aan Tim dat hij autistisch is: een slungelige puber in 3VWO die houdt van gamen en vloggers. Maar op veel gebieden hebben wij hem ‘de gebruiksaanwijzing van het leven’ hardop moeten voorlezen: praat in een restaurant niet harder dan de mensen om je heen; vraag vreemde mensen in de rij in de Efteling niet om sneller door te lopen; check of anderen je gespreksonderwerp nog interessant vinden. En hoewel we gelukkig veel begrip en steun voor Tim krijgen, schrik ik regelmatig van de reacties van onbekenden. Van gezichten die verstrakken en van lege, afwerende blikken wanneer Tim zich een beetje anders gedraagt. De tolerantie voor afwijkend gedrag is vaak niet groot.borrelknop

Tim is niet de enige die ongewild regelmatig afgewezen wordt. In mijn werk bij Stek, voor stad en kerk (de uitvoeringsorganisatie van de Haagse Protestantse Diaconie) komen mijn collega’s het dagelijks tegen. Zo vertelt een oudere man in een inloophuis blij dat hij de laatste tijd zo snel aan de beurt is bij de kassa in zijn supermarkt. Er werkt een nieuw meisje met een hoofddoek en bijna niemand wil bij haar afrekenen. En een collega die een huiswerkklas runt vertelt hoe zij en een leerling door een wijkagent bars werden aangesproken na sluitingstijd. Marokkaanse jongens worden in die buurt niet geacht op straat in de schemer te praten met een blanke vrouw van middelbare leeftijd. Net als Tim moeten deze twee tieners omgaan met de realiteit dat ze in het openbaar worden afgewezen, gewoon om wie ze zijn. Wat een last voor zulke jonge mensen!

Erg? Of anders?

Mij heeft het geïnspireerd tot een oefening. Zodra iets afwijkt van het normale krijgen we vaak een onbehaaglijk gevoel – dat komt vanzelfsprekend voort uit het overlevingsmechanisme waarmee we onderscheid maken tussen veilige en onveilige situaties. En de meest voor de hand liggende reactie is om het afwijkende af te wijzen, buiten te sluiten of zelfs te veroordelen. Maar daarin heb ik een keus. In plaats van direct te reageren op dat onbehaaglijke gevoel, las ik een kleine pauze in met de vraag: is het erg of is het alleen maar anders? Vaak glijdt dat onbehagen dan vanzelf weg. Kijken in plaats van staren – als een kleine oefening in vrede. Ik kan je verzekeren: het levert stralende ogen op.

tekst loopt door onder de afbeelding

Dromen

Aan het begin van het schooljaar worden de klassen op de school van mijn zoon grondig gehusseld. Ik vraag wat zijn strategie is bij het vinden van een plekje bij elk vak. ‘Ik ga zitten in de buurt van een leuk groepje en dan komt meestal een van de nieuwe kinderen naast me zitten omdat die stoel altijd leeg blijft’, vertelt hij. Dat doet even pijn en nog voor ik mijn blik kan verbergen heeft hij hem gevangen. ‘Mam, het is niet erg, ik heb er geen last van.’

Ik vind het knap dat hij heeft geleerd om het niet erg te vinden, maar ik oefen verder en droom van een wereld zonder lege blikken, lege rijen en lege stoelen.

Wat een verlies!

door: Thea van Blitterswijk, directeur van Het Ronde Tafelhuis in Tilburg, pastor parochie Heikant-Quirijnstok en participant van de Norbertijnse gemeenschap de Schans.

Onlangs sprak ik een stafmedewerker van een welzijnsorganisatie in onze stad. Hij vertelde met grote trots hoe een beleidsdag met alle medewerkers een nieuw thema had opgebracht: Verbinden: ‘In onze instelling is dat het sleutelbegrip voor de komende jaren: Verbinden‘.

Doorgaan met het lezen van “Wat een verlies!”

Verbonden in het verlangen naar een plek om veilig te wonen

door: Margo Molenaar, als vrijwilliger betrokken bij Taalcafé Lichtenvoorde en Amnesty International en revers-pin-drager van (bijna) het eerste uur

Is er verschil tussen ‘verbonden zijn’ en ‘verbonden voelen’? Wat een vraag! Diep van binnen hoor ik mijn vaders stem: “In God zijn we allemaal verbonden, meisje!” Niet dat hij dat ooit zei, maar dat had gekund. En ik had mijn schouders opgehaald: Het zal wel….

Ergens resoneert in mij de mystieke waarheid van deze woorden. Doorgaan met het lezen van “Verbonden in het verlangen naar een plek om veilig te wonen”

Religieuze diversiteit is een feit

door: Franck Ploum, beleidsmedewerker Congregatie Broeders van Huijbergen, Voorganger/inspirator Ekklesia Breda/Zinsverband 

‘Deze school heeft tot doel een plek te zijn van uitmuntend onderwijs, van menswording en ecologische duurzaamheid’

Dat is de visie en missie van de scholen die de Congregatie van de Broeders van Huijbergen in Indonesië onder hun hoede hebben. Kleuterscholen, basisscholen, middelbaar onderwijs (mavo en havo) waar kinderen en jongeren mogen groeien in kennis, mens-zijn en bewustwording van hun omgang met hun leefomgeving en deze aarde. Dat is nog eens een brede opvatting van wat onderwijs moet zijn. Doorgaan met het lezen van “Religieuze diversiteit is een feit”

Het hart van de tijd

door: Paul van Eck, relatiebeheerder Mensen met een Missie

Toni-Burgering-Alles-van-waarde-is-weerloos-foto-Max-Dereta-MXS0019Deze bekende strofe uit het gedicht van Lucebert getiteld ‘De zeer oude zingt’ (1974) wordt vaak te pas en te onpas aangehaald. Door banken en verzekeraars maar het staat ook in grote neonletters op de dakrand van de Willem de Kooning Academie ‘for Leisure Management’ (foto rechts) in Rotterdam. En op de gevel van café Trefpunt in Gent. lees hier verder →

Een sterker wapen dan oorlogstaal

door: Jeroen de Wit, pastor Klooster Wittem en cantor Oud-Katholieke Kerk Eindhoven

Samenzang is een sterker wapen dan oorlogstaal. We zien dat in demonstraties en tijdens festivals. Het samen muziek maken, zeker in koren, is in ons land nog altijd een van de meest populaire vrijetijdsbestedingen – door alle leeftijden heen. Dit terwijl muziek, en zeker zang, een van de meeste verwaarloosde vakken is in het onderwijs. En ondanks dat al tientallen jaren onderzoeken uitwijzen dat samenzang de leerprestaties verhoogt en de sociale cohesie versterkt. lees hier verder →

Afbrokkelende draden van verbondenheid

door: Marianne Debets, geestelijk verzorger en schrijver van het boek ‘Ik zie de halve aarde en de hemel. Impressies van de werkvloer

Weet ik me verbonden met mensen? Met mensen wonend in mijn eigen stad of streek of ver weg? Mensen uit een andere cultuur, met een andere levensvisie en een andere levenssituatie?

Perspectief

#Ikbenverbonden heeft voor mij verschillende kanten. Kan ik van perspectief wisselen en kijken met de ogen van de ander? Ervaar ik een vorm van wederkerigheid in het contact met de ander? Is er een verstaan over en weer zodat zienswijzen, hoe verschillend ze ook mogen zijn, met respect voor elkaar uitgewisseld kunnen worden? lees hier verder →

Niet uitsluiten maar binnenlaten

door: Axel Wicke, PKN-Predikant in Den Haag, Buurt-en Kerkhuis Bethel/Bergkerk/Maranathakerk

Ik ben christen en werk als predikant. Daarvoor was ik niet echt in de wieg gelegd; tot mijn 16e had ik niets met het geloof en nog minder met de kerk. Wel was ik veel in de natuur te vinden, wilde alles over planten, beesten en insecten weten en voelde op school regelmatig bijna een religieuze soort van verwondering – niet tijdens godsdienst-, maar tijdens biologieles. lees hier verder →